Littekens van mijn verleden. Ik zal ze altijd bij me dragen.
Ze zullen nooit verdwijnen. Maar wel langzaamaan vervagen.

Iedereen heeft littekens, al zijn de meeste geschreven in
een andere taal. Dit zijn die van mij, ze vertellen mijn verhaal.

Het verhaal over de orkaan uit mijn leven.
Over de stormen die me uiteindelijk deze moed en kracht
hebben gegeven.

Ze laten mij weten een overlever te zijn.
Er zit een intense kracht in deze zichtbare diepe pijn.
Het moeilijkst vind ik, ontwijkende blikken of starende
ogen.

Geen vragen maar ongemak en hoofden afgebogen.
Onze pijnen zijn dan wellicht geschreven in een andere
taal.

Maar zichtbaar of onzichtbaar, het is ons verhaal.
Ik kijk naar jou en jij kijkt naar mij, elk met ons eigen
verdriet.

Laten we verbinden, stralen en ons zelf zijn met alles wat 
je ziet en ook met dat wat niet.

Manoe❤️​​​​​​​​​​​​​​
De tussenwereld
Ik ben doof geboren.
Niet een beetje.
Niet alleen wanneer iemand zacht praat of wanneer er te veel mensen door elkaar praten.
Doof. En toch hoor ik.
Twee kleine computers achter mijn oren vertalen de wereld voor mij.
Geluid wordt stroom. Stroom wordt een signaal.
En ergens in mijn hoofd wordt dat signaal een stem.
Bijzonder eigenlijk. Ik hoor zonder te horen.
En misschien is dat precies waar mijn wereld begint.
DE TUSSENWERELD
Een land dat op geen enkele kaart staat.
Er wonen mensen die weten hoe het is om ’s morgens hun gehoor aan te zetten.
Klik. Daar is de wereld.
De kraan stroomt. Een deur valt dicht.
Iemand roept mijn naam. Vogels bestaan weer.
En ’s avonds kan ik diezelfde wereld met één beweging uitzetten.
Klik. Stilte. Echte stilte.
Een stilte waar horende mensen soms naar verlangen maar die ze nooit helemaal kunnen bereiken.
Ik wel. Soms is dat heerlijk!
Dan hoef ik even niets te ontcijferen. Niets bij elkaar te puzzelen.
Geen woorden uit ruis te vissen. Geen gezichten te lezen terwijl ik luister.

Niet te raden wat iemand zei omdat iedereen lacht 
en ik de clou blijkbaar ergens onderweg ben kwijtgeraakt.
Mensen zeggen weleens: "Maar met die implantaten hoor je toch?"
Ja. Ik hoor.
Maar horen en verstaan zijn twee verschillende dingen.
Voor jou komt een gesprek misschien gewoon binnen.
Voor mij is luisteren werken: 
Mijn ogen luisteren mee. Mijn hoofd luistert mee.
Mijn concentratie luistert mee. Mijn hele lijf zit soms aan tafel om één gesprek te kunnen volgen.
En dus kan gezelligheid vermoeiend zijn.
Een verjaardag kan voelen als topsport. Een restaurant als een examen waarbij iedereen de vragen door elkaar roept.
En soms lach ik gewoon mee omdat nóg een keer vragen:
"Wat zei je?"
vermoeiender is dan doen alsof ik het heb verstaan.
Dan verlang ik naar mijn stilte.
Klik.
Maar ik wil ook meedoen.
Ik wil het gesprek horen.
De grap begrijpen op het moment dat hij gemaakt wordt.
Niet drie zinnen later.
Ik wil horen wat iemand vanaf de andere kant van de kamer zegt.
Niet steeds strategisch bedenken waar ik moet gaan zitten.
Niet automatisch kijken waar het licht vandaan komt zodat ik een gezicht goed kan zien.
Gewoon ergens binnenlopen.
En horen. Zoals jullie.
Maar helemaal bij de horende wereld hoor ik niet. Dat weet ik.
Alleen blijkt er nóg een grens te bestaan.
Want soms ben ik in de dovenwereld ook niet doof genoeg.
Omdat ik gekozen heb voor geluid.
Omdat er twee apparaten achter mijn oren zitten en techniek in mijn hoofd,
die mij toegang geeft tot iets wat mijn oren zelf niet kunnen.
Alsof de techniek mijn doofheid heeft afgepakt.
Maar dat heeft ze niet.
Als ik mijn CI’s afdoe, is de wereld stil.
Ik ben nog steeds dezelfde vrouw.
Doof geboren. Doof gebleven.
Alleen heb ik een deur gekregen die mijn wereld groter maakt.
Waarom zou ik die niet openen?
Techniek beweegt. Mensen bewegen mee.
We communiceren tenslotte ook niet meer met rooksignalen omdat onze voorouders dat ooit deden.
Een CI wist geen cultuur uit.
Het wist geen geschiedenis uit.
En het wist mijn doofheid niet uit.
Het geeft mij een mogelijkheid. Meer niet.
En tegelijkertijd: heel veel.
Dus sta ik hier.
Met één voet in de stilte en één voet in het geluid.
Soms te doof voor de horenden. Soms te horend voor de doven.
Een vreemde plek: de tussenwereld.
Er kan eenzaamheid wonen.
Omdat bijna niemand begrijpt hoe het is om te verlangen naar geluid
en er tegelijkertijd doodmoe van te worden.
Hoe je blij kunt zijn met je CI’s en ze toch ook opgelucht weer afdoet.
Hoe je kunt houden van stilte zonder buitengesloten te willen worden.
Hoe je dankbaar kunt zijn dat je kunt horen zonder te vergeten dat je doof bent.
Misschien hoef ik uiteindelijk niet te kiezen.
Misschien is die tussenwereld geen niemandsland.
Misschien is het mijn land. 
Een plek waar stilte en geluid geen vijanden zijn.
Waar technologie niet bepaalt wie ik ben, maar mij helpt bewegen tussen werelden.
Ik ken iets wat veel mensen maar van één kant kennen.
Ik weet hoe geluid voelt wanneer je het niet vanzelfsprekend vindt.
Ik weet hoe kostbaar een stem kan zijn.
En ik weet ook hoe prachtig het is wanneer de wereld eindelijk haar mond houdt.
Dus vraag me niet aan welke kant ik hoor.
Ik hoor niet aan een kant. Ik hoor op mijn manier.
Soms met twee CI’s. Soms met één CI.
Soms met mijn ogen. Soms met mijn hart.
En soms helemaal niets.
Dan doe ik mijn oren af, wordt de wereld stil en ben ik even nergens tussenin.
Dan ben ik gewoon thuis.

Misschien vind je dit ook leuk!

↑Terug naar begin van deze pagina